Op fotosafari in de oostvaardersplassen

Op fotosafari in de oostvaardersplassen

Gisteren, 21-9-2018, heb ik deelgenomen aan een fotosafari onder begeleiding van een boswachter van Staatsbosbeheer in de Oostvaardersplassen. Zie de foto’s in het menu “Fotosafari”

 

Wat een geweldige belevenis was dit. Je komt in gebieden waar je normaal gesproken niet in kunt, dus je ziet veel meer van het leefgebied van de grote grazers in de Oostvaardersplassen. In deze tijd, de bronst, verzamelen de hindes zich in enorme groepen van honderden groot. Jonge mannetjes verzamelen enorme roedels in deze tijd. De volwassen mannen zijn daar nog niet mee bezig en houden zich in een ander gebied op, ondertussen strijdend en kijkend wie de sterksten zijn. Als de tijd is aangebroken om een roedel te bemachtigen, worden de jonge mannetjes bedankt voor het bijeenbrengen van de hindes en worden vervolgens verjaagd.

Het zijn natuurlijk niet alleen de edelherten die je tegenkomt. Ook de imposante heckrunderen hebben we gezien. Ik heb nooit geweten dat dit nog maar een recent ras is wat tot stand is gekomen door de gebroeders Heck. Hieronder een kleine geschiedenis van dit ras.

In de jaren twintig en dertig probeerden Heinz en Lutz Heck een runderras te creëren met dezelfde eigenschappen als de uitgestorven wilde voorouder van hedendaagse runderrassen: het oerrund. Hun methode bestond in het kruisen van “primitieve rassen” zoals het Corsicaanse bergrund, de Spaanse vechtstier, de Schotse hooglander en het Hongaarse stepperund. Hierdoor verkreeg het heckrund enkele “wilde eigenschappen” die in de meeste gedomesticeerde koeien zijn “weggeselecteerd”. Het terugfokken van het oerrund was evenwel vanaf het begin een wetenschappelijk omstreden zaak. Het is ook nooit gelukt om alle kenmerken van het oerrund terug te krijgen. Desalniettemin kon het project van de Hecks vanaf 1933 terugvallen op steun van de nationaalsocialistische overheid. De toenmalige Reichforstmeister en Reichsjägermeister Hermann Göring liet heckrunderen grazen in zijn jachtgebied Rominten (Krasnolesye) nabij de Russisch-Poolse grens.

 

Van het kweekprogramma van de Hecks overleefden 39 dieren de Tweede Wereldoorlog. Ze verdwenen lange tijd uit de belangstelling, tot ze in de jaren tachtig werden herontdekt door natuurbeheerders, in een periode waarin grote grazers een cruciale rol in de ontwikkeling (en het openhouden) van het landschap kregen toebedeeld. Sindsdien is de belangstelling in heckrunderen sterk toegenomen. Hun aantal steeg van 88 exemplaren in 1980 tot 2000-3000 in 2010.

Tegenwoordig worden heckrunderen in Nederland ingeschakeld in de begrazing van natuurgebieden. Dankzij hun “wilde eigenschappen” kunnen ze het hele jaar buiten doorbrengen en hebben ze weinig zorg nodig. Door een efficiënte spijsvertering – en toegang tot vezelrijke voeding – produceren heckrunderen relatief weinig methaangas en is de consistentie van hun mest relatief vast. Het duurt relatief lang vooraleer een heckrund geslachtsrijp is. De kalveren zijn vrij klein waardoor ze makkelijk zonder hulp van buitenaf ter wereld komen. De introductie van heckrunderen in voor het publiek toegankelijke gebieden is minder geslaagd. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Schotse hooglanders dulden heckrunderen geen recreanten in hun nabije omgeving en er zijn af en toe daadwerkelijk incidenten. Er zijn fokprogramma’s geweest om het heckrund te kruisen met zachtaardiger typen rund, uitmondend in de zogenaamde Ecolanders. Daarnaast zijn er fokprogramma’s om een runderras te krijgen dat meer op het oeros lijkt. (Bron voor bovenstaande beschrijving: Wikipedia)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *